Afstand

Het is alweer snikheet en bijna zomervakantie. Het enige wat ik momenteel kan doen is zittend op de bank door Youtube-filmpjes scrollen met een ijsje in mijn hand. Ik heb nu al mijn eerste studiejaar achter de rug, terwijl het voelt alsof ik net drie weken geleden een intens sociale introweek heb meegemaakt. Niet dat ik toen meeging naar clubs en feestjes tot diep in de nacht, ik weet niet eens hoe een mens dat kan volhouden, maar dat terzijde. Bij een van onze laatste opdrachten moesten we nieuwsitems inleveren, in welke vorm dan ook.

Ik had plots inspiratie en gebruikte deze volop in de creatie van een korte, amusante video, voorzien van een vlot Csardas piano-viool duo op de achtergrond, en een interessant artikel met een vleugje human-interest over een concertzaaltje dat heel toevallig wordt beheerd door mijn oma. En waar ik al mijn hele leven in een huis naast woon. En okee, misschien heb ik hier een interview met oma voor gebruikt dat mijn zusje al had gehouden voor een eigen schoolopdracht, maar het sloot er mooi op aan en het ‘het is maar een schoolopdracht’-excuus kwam goed van pas. Mijn doel was om jongeren te stimuleren eens een keer een concert te gaan bezoeken buiten de immense stadions en popsterren om. Ik ben niet de beste persoon om kritische feedback van een docent te ontvangen, en ik leer om er beter mee om te gaan, maar bij deze kwam die toch een beetje direct en onverwachts binnen. 

‘Niet passend bij deze opdracht’, ‘promofilmpje-achtigs’, een ‘persbericht’, te weinig ‘journalistieke afstand’. ‘Oh’, dacht ik toen. Tja, eeh, kan ook, ieder zo zijn eigen mening. Als analytische student journalistiek was ik toch een beetje kritisch op de kritiek, maar ik heb er uiteindelijk, na twintig debatten die ik in mijn hoofd met de docent had gevoerd, goed over kunnen nadenken. Want in hoeverre is ‘journalistieke afstand’ van belang? Ja, uiteraard voor de betrouwbaarheid en geloofwaardigheid van een bron, de verificatie van informatie, het gebruiken van diverse perspectieven, feitelijke observaties… Maar op welke manier moet dit worden opgevat? Als een productie van zogenaamd ‘objectief’ nieuws? Zakelijk en formeel? Of heeft het meerdere kanten met verschillende mogelijkheden? 

‘Objectiviteit’ wordt vaak als een van de belangrijkste journalistieke normen gezien, hoewel het nogal omstreden is, aangezien het bijna onmogelijk is om geen persoonlijke mening of betrokkenheid te tonen in je berichtgeving. Er worden altijd specifieke keuzes gemaakt en stappen ondernomen met onderliggende, soms onbewuste, belangen en argumenten, die slechts een deel van de werkelijkheid kunnen laten zien. Hoe maak je op de formele, afstandelijke journalistieke manier interessante verhalen voor een jong publiek over lokale concertzalen waar voornamelijk klassieke muziek uitgevoerd wordt voor een gemiddelde leeftijd van 70 plus? Want is het echt iets dat jongeren ook interessant vinden en nieuwsgierig genoeg naar zijn om op te klikken? Sluit een persoonlijke invalshoek met een speelse kant dan niet beter aan op de behoefte om hen geïnspireerd en betrokken te laten voelen? Of komt dat dan niet serieus en betrouwbaar genoeg over, omdat er te veel door een roze bril gekeken wordt?

Allemaal vragen die ik als niet-face-to-face-confrontatie-oompaloompa vermeed aan de docent te stellen tijdens het laatste college. Bovendien hielpen de 30 graden Celcius en het eindelijk naar huis mogen gaan na het aanhoren van zeven presentaties ook niet heel erg; de helft van de studenten zat door hun telefoon te scrollen, keek moeilijk of zat al weg te dromen van de vakantie die steeds dichterbij naderde (wat klinkt me dat toch bekend in de oren…).

De video had journalistiek waarschijnlijk sterker gekund: korte fragmenten van een interview en de lege ruimte met een ongemakkelijke verslaggever voice-over die feitelijke informatie uit kauwt, in plaats van tientallen clips uitvoerende musici en applaudisserend publiek, teksten als ‘neem een kijkje…’ en ‘de plek om samen te komen’. En toch… Ik ervaarde tijdens die hele anderhalve dag stiekem plezier tijdens het in elkaar zetten van het filmpje en het aansluitende geschreven gedeelte. Het bewerken en regisseren van de verschijnende tekst en fragmenten op het ritme van de vlugge pianonoten, het invoegen van opmerkelijke uitspraken en leuke feitjes in het artikel, het wakkerde mijn interesse en passie meer aan.

Ik ben dan ook een mensenmens in mijn schrijfkunsten. Het had een tikje formeler en genuanceerder gemogen, maar het was ‘technisch sterk’ (aldus de docent). Mijn moeder heeft het zelfs op Instagram geplaatst waar bijna 600 mensen de video hebben bekeken, met een record kijktijd van maar liefst 4,7 seconden! Misschien kan ik me beter aansluiten bij een pr-team (grapje, maar misschien ook niet). Het laat in ieder geval goed zien dat de aandachtsspanne van veel mensen al voor een 46 seconden filmpje even lang duurt als hun goede voornemens voor het nieuwe jaar. 

Maar hoe ontstaat dan de kunst om een onderwerp over muziek en cultuur zowel interessant als ‘journalistiek afstandelijk’ te maken? Er komen ook nieuwsitems van nationale nieuwsmedia voorbij over honden die een hit zijn op sociale media, een zingend kind tijdens een vertraagde vliegreis en of het mogelijk is om een ei te bakken op de motorkap van een in de brandende zon geparkeerde auto. Hoe objectief de journalist dan ook probeert te zijn, ik vind het oppervlakkige, sensationele entertainment dat leuk is als luchtig nieuwtje, maar geen relevantie heeft of waardevolle inzichten biedt (tenzij je geen fornuis hebt om een ei op te bakken denk ik?).

Journalistiek is ook een kwestie van analyse, nuance en kritiek, maar tegelijkertijd geven mensen aan dat het soms te negatief en afstandelijk overkomt, met te weinig ruimte voor diverse, persoonlijke perspectieven die een stukje menselijkheid toevoegen. En dan moet je daarnaast nog rekening houden met de haastige manier waarop mensen nieuws lezen of kijken. Kort, maar ook duidelijk, waarin nieuwsgebruikers zich willen herkennen of inleven in een bepaalde situatie, op de hoogte proberen te blijven, zich betrokken willen voelen, een mening gaan vormen, hun perspectief willen verbreden of nieuwe inzichten proberen op te doen. Hoe wakker je dat gevoel aan door er als journalist zelf zo min mogelijk betrokkenheid bij te tonen? Ik kan me er eigenlijk geen levendige voorstelling van maken. 

Ik klink misschien als een betweterige student zonder ook maar enige vorm van redactionele ervaring te bezitten, maar journalistieke innovatie is van groot maatschappelijk belang. Ik wil weten hoe ver die betrokkenheid kan gaan om de aandacht van kijkers bij zoiets ongebruikelijks en promofilmpje-achtigs als een Csardas-video voor langer dan een paar seconden vast te houden, en werkelijk iets bij te dragen aan hun drukke dagelijkse leven; een soort realistisch bewustzijn mee te geven. Wie weet steek ik het op van de docent die mij zulke leuke feedback gaf. 


Plaats een reactie