Ken je het gevoel van je hoofd die blijft malen en twijfelen over één specifieke gebeurtenis waar je je voor schaamt en waar je verdrietig, boos of geshockeerd over bent? Het is dan zo moeilijk om het te negeren en er niet aan te denken, gewoon rationeel te redeneren en te zeggen: ‘Het is al verleden tijd, je kunt er toch niets meer aan doen.’ Waarom kunnen we die knop niet zo gemakkelijk omdraaien als mensen?
Een paar weken geleden moesten we tijdens een college feedback geven op elkaars werk voor een onderzoek. Ik probeer dan zowel positieve als negatieve punten te benoemen en daar gewoon eerlijk in te zijn. Na het aan het groepje te hebben gegeven, hoorde ik lichte irritatie naar de gegeven feedback toe. Ik dacht eerst dat ik het niet goed verstond, maar na het zien van het uitgeschreven onderzoek wist ik het: ze hadden niets van de feedback toegepast, terwijl het maar één kritiekpunt was. Buiten zo’n opdracht ga je gewoon normaal en respectvol met elkaar om en is er niks aan het handje. Bovendien is het een kleine, onbenullige gebeurtenis, ik ervaar ook regelmatig weerstand tegen kritische reacties van anderen, hoewel ik begrijp dat het heel leerzaam en handig is. Dus waarom zou ik me vervolgens weer aan dat groepje moeten irriteren en het moment steeds weer opnieuw in mijn hoofd afspelen, als ik me in hun gedachtegang kan plaatsen?
Meestal verdwijnt mijn gevoel van ongemak bij zulke korte incidenten langzaamaan weer, naarmate de dagen verstrijken. ‘Wat maakt het ook uit,’ denk ik nu, ‘het zijn aardige mensen en je kunt het ook niet altijd over alles eens zijn’. Toch draagt ieder mens die onzekerheid over wat anderen van ons vinden met zich mee, variërend in grootte en regelmaat. Ik heb daarom een klein onderzoekje uitgevoerd dat mijn vermoedens al bevestigde. Als mensen zijn wij narratieve vertellers die ervan houden om verhalen te creëren en te delen. Hierdoor kunnen we heel creatief zijn, zo creatief zelfs dat we ons brein van verhalen kunnen overtuigen en ons naar die narratieven gaan gedragen. Dit gebeurt ook tijdens het piekeren over gênante momenten, onzekerheden en angsten. Zodra we denken: ‘Die mensen vinden mij toch niet aardig’, dan gaan we erin geloven en ons distantiëren van die personen.¹
De meesten zijn zich bewust van deze zelfmanipulatie, omdat die innerlijke criticus in ons hoofd dominant kan zijn en weer overal het negatieve van moet inzien. Op de slechtste momenten hoor je dat stemmetje, niet vanuit een ander, maar vanuit jezelf. We zijn dan ongelofelijk kritisch op onze handelingen en prestaties, terwijl we vaak onderschatten hoeveel anderen ons mogen in een sociale interactie. Dat negatieve zelfgepieker is overigens te beïnvloeden door nog meer zelfbedrog, maar dan precies andersom. Laten we die innerlijke criticus nou eens herschrijven naar een innerlijke vriend of vriendin die het mooie in jou kan zien.² Het is toch veel leuker om tegen jezelf te kunnen zeggen dat je haar en kleding goed zitten, dat je je best hebt gedaan en dat je het verdient om leuke dingen te doen in het leven?
De angst voor het oordeel van anderen is dus voornamelijk een oordeel dat je over anderen hebt en jezelf aanpraat, waarmee je angsten en zelfkritiek alleen maar vergroot. In hoeverre die angst aanwezig is, heb je dus technisch gezien zelf in bepaalde mate onder controle. Natuurlijk, we zien onszelf voor een deel door de ogen van een ander. Ik vind mezelf over het algemeen een rustig persoon, omdat veel kennissen mij ook zo zouden omschrijven.
Tegelijkertijd is het niet onze plicht om andermans oordelen te laten gelden. Misschien dat je gehoord hebt van de ‘Let-them’-theorie bestseller die stelt dat je moet denken in ‘laat ze’ en ‘laat mij’. Er is nogal wat controverse hierover, omdat het volgens sommigen een letterlijke herhaling van het oud Griekse en Romeinse stoïcisme is. Deze filosofie beweert dat mensen zich moeten focussen op hetgeen waar ze wel invloed op hebben en al het andere los te laten.³ Het zou mooi zijn als we dit zouden kunnen volhouden, maar zo simpel is het volgens mij niet zo, omdat we toch te weinig geduld hebben voor de tijd die zo snel gaat. Misschien dat we het voor een dag uit kunnen proberen, met de innerlijke vriend(in) als morele steun. Dat vind ik al een heel mooi begin.
¹ Jones, D. (2025). ‘Hoe kan ik me minder aantrekken van wat anderen denken?’. Vogue. https://www.vogue.nl/living/minder-aantrekken-van-anderen/
² Jones, D. (2025). ‘Hoe kan ik me minder aantrekken van wat anderen denken?’. Vogue. https://www.vogue.nl/living/minder-aantrekken-van-anderen/
³ Psychologie Magazine. (2025). ‘De ‘let them’-theorie: waarom trekken we ons zoveel aan van anderen?’. https://www.psychologie.nl/artikel/laat-ze-en-laat-me/
Geef een reactie op Anoniem Reactie annuleren