Opruimen, je moet het maar een van de meest fantastische of juist vreselijkste zaken vinden in het leven. Voor de een voelt het als een last die van de schouders af valt, een kans om je hoofd leeg te krijgen en overzicht te creëren. Voor de ander is het een last erbij, een verplichting die telkens uitgesteld wordt, want waar te beginnen? Er zijn ook mensen die weinig last hebben van troep. Hè, rommel? Zolang alles netjes staat zijn spullen geen rommel. En zelfs als het rotzooi is, maakt het deel uit van je woonplek of slaapkamer en zitten er veel herinneringen tussen die je liever niet wegdoet. Ik herken me vooral in de geordende persoon die het geweldig vindt om op te ruimen. Geweldig is waarschijnlijk een groot woord, maar zolang ik me kan herinneren heb ik het altijd fijn gevonden om na het opstaan mijn bed gelijk op te maken, de kledingkast zo nu en dan te sorteren (net als mijn boekenkast sinds een paar jaar) en alle nutteloze schoolschriften na de laatste toetsweek en examens weg te gooien. Het past niet bij het stereotype van een tiener die overal vieze was laat rondslingeren, vuile vaat achterlaat en boeken en aantekeningen door elkaar gooit. Dat leidt allemaal tot chaos, verminderde concentratie en slaap en een slechter humeur. Wat is nou het geheim achter ‘het opruimen’, hoe gaat dat in zijn werk?
Van rommel wordt mijn hoofd ook een puinhoop. Het is alsof ik niet meer helder na kan denken, de bomen niet meer door het bos kan zien, en ik vast ben komen te zitten in een jungle van volle wasmanden, werkstencils uit klas drie en kleine Rituals cosmetica die ik zes jaar geleden gekregen heb voor Sinterklaas. Ik maak een mentaal lijstje van spullen die ik weg wil gooien en een andere plek of eigenaar kan geven. Dat doet me er nu aan herinneren dat ik mijn schone en niet opgevouwen kleding nog uit de wasmand moet halen. Maar goed, wanneer ik een dagje vrij ben en geen enkele afspraken met wie dan ook heb, begin ik bij een lade, haal alle dingen eruit en bekijk welke echt niet meer te gebruiken zijn. Dan hoef ik me niet te haasten, wat een beter resultaat en een tevreden gevoel oplevert.
Toch heb ik na het maken van meer ruimte nog veel oude herinneringen en objecten bewaard die ik eigenlijk niet nodig heb. De meesten zijn natuurlijk leuk om te houden, maar het is ook goed om je te oriënteren en te bedenken waar je nou echt veel waarde aan hecht. Het creëren van extra opbergruimte is volgens het Mindfulness voor Tieners-tijdschrift blijkbaar iets waar veel mensen de mist in gaan. Het jager-verzamelaarsinstinct is immers niet meer van deze tijd. We leven tegenwoordig niet om alleen nog maar te verzamelen wat de natuur ons biedt. En toch lijken we door een dominant materialistisch gedachtegoed zoveel mogelijk apparaten en gadgets te willen verzamelen, zonder ze regelmatig of ooit te gebruiken. Steeds meer en meer bezittingen leveren langzamerhand steeds minder geluk op en het zorgt uiteraard voor een chaotische woning. Daarom is het een goede start om bij het opruimen niet alle spullen die je ziet een plek te geven, maar ruimte vrij te maken voor werkelijke benodigdheden en bezittingen waar je vrolijk van wordt.
Voor sommigen is het moeilijk om afstand te doen van dierbare herinneringen. Het voelt zonde en welk object is dan belangrijker dan de ander? Ik had het er al over dat ik mentale lijstjes maak, maar voor degenen die het minder fijn vinden om te onthouden, kunnen gewoon opschrijven wat ze willen hebben en wegdoen. To-do lijstjes met ‘doneren, bewaren of weggooien’ en stap voor stap alle rommelplekken afgaan kunnen je ook een heel eind verder brengen. Opruimen klinkt nu misschien veel complexer en zorgvuldiger dan je zou willen, maar het lucht heel erg op. Je schuift niet alles op een stapel onder je bed, maar maakt je plek gezellig en overzichtelijk voor een iets langere periode. Je leefomgeving reflecteert de toestand van je geest en hoe beter die is opgeruimd, hoe gemakkelijker je emotioneel kunt functioneren. Het weerspiegelt een sterkere grip op het leven, het kan zelfs je zelfbeeld verbeteren omdat je je minder schaamt voor je woning. Het verzorgen van je eigen plek kan dus een manier zijn om voor jezelf te zorgen.
Niemand is perfect, maar het is ook niet fijn om steeds de sloddervos uit te hangen die omringd wordt door eindeloze chaos. Geloof me, het opruimen van je omgeving zorgt voor een opgeruimde geest die meer rust, energie en levenslust heeft. Het kan je toekomstige consumptie van spullen veranderen, bevorderen en bewuster laten verlopen. Vraag desnoods om hulp van anderen of stel deadlines, maar ik meen het echt, opruimen is niet eens zo verschrikkelijk zolang je eraan gewend bent. Doe dus nou eindelijk wat aan die puinzooi!
Plaats een reactie