Dat lezen tegenwoordig niet meer zo ongelofelijk geliefd is onder Nederlandse jongeren is al langer bekend. Een op de drie 15-jarigen is onvoldoende geletterd, waardoor ze niet in staat zijn om als zelfstandige burger in de maatschappij mee te draaien¹, het Nederlandse leesniveau staat bijna op de laatste plek van de OESO-landen² en een derde van leerlingen ervaren nog nauwelijks leesplezier³. En dit terwijl de aandacht voor taalvaardigheid sinds eind vorige eeuw alleen maar is toegenomen en zaakvakken als geschiedenis en aardrijkskunde voor het bijbrengen van wereldkennis zijn verwaarloosd. Verwachtingen van leerlingenprestaties dalen en docenten kunnen met het gebureaucratiseerde curriculum geen kant op. Hoe krijgen we de jongere generaties weer meer aan het lezen? Hogere eisen stellen voor de leeslijst zit er naar mijn interpretatie niet in, omdat het lezen voor de lijst de leeslust van vele leerlingen al zeer deactiveert en de criteria weinig ruimte bieden voor het opwekken van interesse. Minder op de mobieltjes zitten is ook een goede optie, maar blijkbaar moeilijk om te veranderen. De kern ligt hem vooral in de manier waarop er al vanaf de basisschool met lezen wordt omgegaan.
Begrijpend lezen, een van de meest niet boeiende vakken die ik vanaf groep 4 wekelijks kreeg voorgeschoteld. Hierbij kreeg je dan vooral vragen als “Welke leesstrategie wordt hier gebruikt?”, “Welk verband geeft dit signaalwoord aan?” of “Waar verwijst dit verwijswoord naar?” Zelfs in de derde klas van de middelbare waren wij hier nog mee bezig, maar werkelijk tekstbegrip creëren gebeurde nauwelijks. Korte, saaie teksten met vragen die inhoudelijk niet sterk waren en die keer op keer over verbanden, signaalwoorden, verwijswoorden en leesstrategieën gingen. Methoden als Nieuwsbegrip willen ervoor zorgen dat leerlingen een hulpsteuntje hebben tijdens het analyseren van een tekst om hen te laten begrijpen hoe ze dit moeten doen. Maar de manier waarop het bestuderen van een artikel wordt aangeleerd in het schoolsysteem gaat niet meer zozeer over het actief lezen en willen verdiepen in een tekst. Het lijkt maar een eindeloos geleuter over structuren te zijn, waarin het verrijken van kennis en woordenschat niet centraal staan; geen wonder dat kinderen weinig enthousiasme tonen voor lezen op school.
In de klas werden we regelmatig zelfstandig aan het werk gezet om teksten te lezen en vragen te beantwoorden, waardoor ik niet veel over de tekst discussieerde en mij eigenlijk alleen concentreerde op het beantwoorden van de vragen, wat ik overigens nog steeds doe. Ondanks dat je de betekenis van moeilijke woorden uit de tekst kreeg uitgelegd of moest opzoeken, werd ik niet gestimuleerd om mijn woordenschat te verrijken en kreeg ik een achterstand op dat vlak. Ik moest meer gaan lezen en moeilijke woorden opschrijven, maar ja, dat was dus het probleem. Niet dat ik nooit een boek las, maar het had zeker wel frequenter gekund. Pas vanaf een jaar of 11 begon ik meer interesse te tonen in kinderboeken, omdat ik ze zelf uit mocht kiezen en mij ging oriënteren op onderwerpen en auteurs die mij interessant leken. De eisen van de leeslijst vanaf de bovenbouw hebben jammer genoeg minder flexibiliteit hiervoor aangeboden. Natuurlijk zitten er prachtige boeken bij en uiteraard is het van belang om ook taalrijke, diepgaande literatuur te hebben gelezen. Maar hoe wil je leerlingen aan dit proces vasthaken als ze zo oppervlakkig hebben leren lezen en op latere leeftijd meer begrip moeten creëren voor echte literaire teksten, waarvoor ze maximaal zoveel werken van dat bepaalde niveau, uit die tijd en van die auteur mogen lezen, die ook nog eens op de officiële leeslijst staan? Voor het Nederlands mondeling is scholieren.com voor velen (inclusief mezelf, vooral wegens tijdstekort, dat is ook zo iets vreselijks met die lange roosters en een maximaal aantal werken van de lagere niveaus waardoor er soms bijna niet door een boek heen te komen is) de redder in nood, maar het is jammer dat we op de middelbare school vaak onvoldoende motivatie hebben om onszelf in een boek te verdiepen, omdat het meer als een verplichting dan als een plezier wordt gezien.
Uit Het Parool blijkt dat De Schoolschrijver een methode is die sinds 14 jaar bij inmiddels 770 scholen door heel Nederland gevolgd wordt. Hier inspireren en motiveren bekende kinderboekenschrijvers leerlingen om zich tijdens het lezen te verdiepen in verscheidene thema’s over zichzelf en de wereld om hen heen. Ze krijgen de mogelijkheid om eigen verhalen te schrijven, en wat blijkt?
“In 2021 is de lesmethode onafhankelijk getoetst met meta-onderzoek door onderzoeksbureau Sinzer. Daaruit blijkt onder meer dat De Schoolschrijver het plezier in lezen én schrijven aanwakkert, dat kinderen vaker lezen, betere taalvaardigheden hebben en hun horizon verbreden.” – Marloes de Moor, 29 januari 2024, het Parool.⁴
Ik vraag mij af, waarom krijgen niet alle kinderen in het basisonderwijs de kans om dit mee te mogen maken? Als je het beantwoorden van vragen na het lezen van een tekst over verwijswoorden en verbanden zou kunnen wisselen voor kinderboekenschrijvers die leerlingen met thema’s aan de slag laten gaan om zich hier verder in te verdiepen en er verhalen over te laten schrijven, is het dan niet evident op welke manier kinderen boeken en schrijven als iets boeiends kunnen beschouwen?
Zoals ik al eerder benoemde worden zaakvakken als geschiedenis en aardrijkskunde steeds meer onder druk gezet en krijgen vakken voor wereldkennis minder aandacht ten opzichte van rekenen en taal. De Universiteit van Utrecht heeft dit dilemma onderzocht en het bleek dat uit een peilingsonderzoek van de onderwijsinspectie in 2008 werd geconcludeerd dat er gemiddeld ongeveer een uur per week aan geschiedenisonderwijs van groepen 5 t/m 8 werd besteed. Dit gold volgens een ander onderzoek van drie deskundigen in 2010 (Notté, H., Van der Schoot, F., & Hemker, B.) ook voor aardrijkskunde⁵. De universiteit duidt op verdere analyses naar het historisch- en geografisch besef onder basisschoolleerlingen. Onderzoekers De Groot-Reuvekamp, Ros en Van Boxtel lieten in 2019 leerlingen van groepen 3 t/m 8 afbeeldingen en situatiebeschrijvingen op een tijdbalk plaatsen. Na deze studie werd geconcludeerd dat leerlingen nauwelijks kennis hadden over de kenmerkende aspecten van de tien tijdvakken uit de Canon en daardoor moeite hadden met het beschrijven van economische en politieke ontwikkelingen in een tijdsperiode. Gebeurtenissen werden door elkaar gehaald en er kwamen verscheidene misvattingen aan het licht over de intellectuele ontwikkeling van de mens. Het plaatsen van gebeurtenissen op de tijdbalk en verbanden tussen tijdvakken leggen in groepen 7 en 8 bleek volgens Groot-Reuvekamp, Oort en Van Boxtel ook al een issue te zijn in 2017.⁶
En of dat nog niet genoeg gebrek aan wereldkennis was, is uit een evaluatie van een PPON peiling uit 2008 gebleken dat de leeropbrengsten voor kaartlezen (36 procent voldoende), topografie (15 procent voldoende) en aardrijkskundige basiskennis (50 – 60 procent voldoende) ver onder het gewenste gemiddelde lagen. Geconcludeerd werd dat kinderen meer inzicht in aardrijkskundige begrippen moeten verwerven, meer moeten trainen in kaartlezen en een grondig topografisch wereldbeeld moeten opbouwen. De Inspectie van het Onderwijs kwam hier in 2017 tevens op neer.⁷ Leermethoden en didactiek moesten dringend worden verbeterd. Werd dit ook daadwerkelijk gedaan? Het ironische is, is dat sinds eind 2023 vragen over aardrijkskunde, biologie en geschiedenis uit de Centrale Eindtoets (de huidige doorstroomtoets) in groep 8 zijn geschrapt.⁸ Lage eisen stellen en kinderen minder onderwijzen is de nieuwe aanpak om ze tot een functionele burger in de maatschappij te laten ontwikkelen. In een artikel van de Volkskrant dit jaar noemde schooldirecteur Martin Bootsma het schrappen van wereldkennis een “historische blunder” en wees erop dat als deze kennis juist wordt bijgebracht, leerlingen moeilijke kinderboeken eenvoudiger lezen. Het is volgens hem daarom essentieel om taalonderwijs aan wereldoriëntatie te koppelen.⁹
Cor Aarnoutse, hoogleraar aan de Radboud Universiteit en gepensioneerd directeur van het Expertisecentrum in Nijmegen, droeg bij aan het integreren van leesstrategieën in het Nederlandse onderwijs in de jaren 90 om de zwakke lezers een handje te helpen¹⁰. Uit zijn proefschrift over het effect hiervan in groep 6 gaf een positief verband aan, maar Aarnoutse benadrukte wel een kanttekening. Hij schreef dat pas als er voldoende inhoudelijke kennis is bijgebracht, het dan ook echt zin heeft om de nodige leesstrategieën bij kinderen te ontwikkelen. Nu zaakvakken verwaarloosd worden, trekt Aarnoutse de conclusie dat als leerlingen minder begrippen leren, ze ook minder teksten goed begrijpen. Ze krijgen vervolgens kortere en eenvoudigere teksten om de reden dat ze anders niet weten wat ze aan het lezen zijn. Aarnoutse vertelt dat 70 procent van Nederlandse basisscholen (surprise, surprise) Nieuwsbegrip voor begrijpend lezen gebruikt, terwijl onderzoeken van Marloes Muijselaar in 2016¹¹ in het basisonderwijs en Mariska Okkinga in 2017¹² in het vmbo hebben uitgewezen dat deze methode geen effect heeft en voor leerlingen geen betere leesresultaten oplevert.
Meer aandacht voor zaakvakken om basiskennis over de wereld op te krikken dus, en deze kennis gaan toepassen op zowel uitdagende teksten met discussievragen als kinderboeken thema’s. Zo zie je maar wat er allemaal mogelijk is om de educatie van de huidige maatschappij uit de penarie te krijgen. Als de zorgwekkende ontwikkelingen naar de taal- en leesvaardigheden in Nederland op een gegeven moment echt zijn doorgedrongen, kan het schoolsysteem de komende jaren steeds meer belang hechten aan werkelijke educatie. Maar voor nu zou ik zeggen, pak een interessant boek erbij en veel leesplezier!
¹De Vries, D. (5 december 2023). ‘Onverwachte snelle daling’ leesvaardigheid Nederlandse tieners; één op de drie 15-jarigen nu ‘onvoldoende geletterd’. De Volkskrant. https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/onverwacht-snelle-daling-leesvaardigheid-nederlandse-tieners-een-op-drie-15-jarigen-nu-onvoldoende-geletterd~b0f38d8f/
²Heel Rotterdam Leest. (december 2023). ‘Nieuw dieptepunt. Nederland staat bij lezen in de EU alleen nog boven Griekenland’. https://www.heelrotterdamleest.nl/blog/nieuw-dieptepunt-nederland-staat-bij-lezen-in-eu-alleen-nog-boven-griekenland
³Khaddari, R. (16 mei 2023). ‘Leesvaardigheid van tienjaren afgezakt naar het westerse gemiddelde, leesplezier op dieptepunt’. Het Parool. https://www.parool.nl/nederland/leesvaardigheid-van-tienjarigen-afgezakt-naar-het-westerse-gemiddelde-leesplezier-op-dieptepunt~b6515c21/
⁴De Moor, M. (29 januari 2024). ‘Deze lesmethode wakkert het leesplezier bij kinderen aan: ‘Nu vragen ze na het voorlezen of ze het boek mogen lenen”. Het Parool. https://www.parool.nl/amsterdam/deze-lesmethode-wakkert-het-leesplezier-bij-kinderen-aan-nu-vragen-ze-na-het-voorlezen-of-ze-het-boek-mogen-lenen~b1267da3/
⁵Béneker, T. & van Boxtel, C. & de Leur, T. & Smits, A. & Blankman, M. & de Groot-Reuvekamp M. (2020). Geografisch en historisch besef ontwikkelen op de basisschool [Universiteit Utrecht], p.33. Het Utrechts archief. GEOGRAFISCH EN HISTORISCH BESEF ONTWIKKELEN OP DE BASISSCHOOL
⁶Béneker, T. & van Boxtel, C. & de Leur, T. & Smits, A. & Blankman, M. & de Groot-Reuvekamp M. (2020). Geografisch en historisch besef ontwikkelen op de basisschool [Universiteit Utrecht], p.12. Het Utrechts archief. GEOGRAFISCH EN HISTORISCH BESEF ONTWIKKELEN OP DE BASISSCHOOL
⁷Béneker, T. & van Boxtel, C. & de Leur, T. & Smits, A. & Blankman, M. & de Groot-Reuvekamp M. (2020). Geografisch en historisch besef ontwikkelen op de basisschool [Universiteit Utrecht], p.16. Het Utrechts archief. GEOGRAFISCH EN HISTORISCH BESEF ONTWIKKELEN OP DE BASISSCHOOL
⁸KRO NRCV. (16 september 2023). ‘Kinderen eind basisschool niet meer getoetst op kennis’. https://pointer.kro-ncrv.nl/kinderen-einde-basisschool-niet-meer-getoetst-op-kennis
⁹Du Pré, R. (27 maart 2024). ‘De boodschap aan de Tweede Kamer klinkt luid en breed gedragen: ‘Het leesplezier moet terug in de klas”. De Volkskrant. https://www.volkskrant.nl/binnenland/de-boodschap-aan-de-tweede-kamer-klinkt-luid-en-breed-gedragen-het-leesplezier-moet-terug-in-de-klas~bd31b265/?referrer=https://www.google.com/
¹⁰Kraak, H. (28 februari 2024). ‘Wat er misgaat met begrijpend lezen, volgens de grondlegger ervan: ‘Kennis is een absolute voorwaarde. Dat zijn we vergeten”. De Volkskrant. https://www.volkskrant.nl/binnenland/wat-er-misgaat-met-begrijpend-lezen-volgens-de-grondlegger-ervan-kennis-is-een-absolute-voorwaarde-dat-zijn-we-vergeten~b730b784/
¹¹ Muijselaar, M. M. L. (2016). How to assess and improve children’s reading comprehension? [Universiteit van Amsterdam]. https://www.nro.nl/sites/nro/files/migrate/173494_503071_Muijselaar.pdf
¹²Okkinga, M. (2018). Teaching reading strategies in classrooms [Universiteit van Twente, Enschede]. https://www.hogeschoolrotterdam.nl/contentassets/be24544b6f29463cb7428307768885a4/15151-okkinga_onl.pdf
Plaats een reactie